Wie schrijft, die…

Is het mijn hart? Zijn het mijn longen? Nee, dat is het niet! Het is mega-twijfel die je in hun ogen ziet.

De dag begon zoals dagen meestal beginnen, ontspannen, rustig, vredig zelfs. Af en toe was het misschien een tikkeltje drukker. Toen te warme chocolade een ballon deed ontploffen en de keuken onder de bruine smurrie zat. Of toen ik rechtsomkeer moest maken omdat de kinderen op weg naar een logeerpartijtje geen logeertas bleken bij te hebben. Of toen de hond de verhakselaar van de buren in werking zag en dacht: dat kan ik ook. En gelijk had hij! De oude matras was bij thuiskomst onherkenbaar, net zoals de tuin.

Niet dat ik me daar druk om maak. In een dergelijke situatie doe je gewoon wat er gedaan moet worden. Stress en drukte helpen dan toch niet. Je neemt gewoon een spannend boek, je zet je comfortabel in de zetel met een glaasje wijn binnen handbereik en je wacht -geduldig- tot je man thuiskomt en hij de rotzooi van zijn hond heeft opgeruimd. Wij zijn namelijk co-ouders van Seth in een rat-relatie (raising apart together). Overdag is het zijn hond en ’s avonds als hij uitgeteld en rustig op de bank ligt – de hond- is hij aaibaar en dus van mij.

Kortom, het was een gewone, rustige dag. En toch, plots was er pijn in de borst en pijn in de linkerarm. En met de pijn een zekere vorm van ongerustheid, angst zelfs. Het was die angst die achter het stuur plaatsnam en me naar de spoed bracht.

En het was die angst die nadacht over woorden, laatste woorden meerbepaald. Heb ik iedereen gezegd wat er te zeggen valt? Wat volgde was ho’oponopono … Ik hou van je. Het spijt me. Vergeef me asjeblieft. Dank je. En toen werd het stil. Er kwamen geen woorden die ik nog niet gezegd had… Geen nagelaten bekentenis. Alleen rust.

Tot zij begonnen! Roepen, brullen, tieren, smeken… Stuk voor stuk dramaqueens die personages. Dat ik lui zou zijn, hen het levenslicht niet gunde en dat ze een andere schrijver zouden zoeken als ik niet gauw met enkele interessante plotwendingen op de proppen kwam…

Een klop op de deur deed hen verstommen (op wat trommelgeroffel na). Het was tijd voor het verdict.

Na al die onderzoeken bleek ik geheel gezond te zijn. En die pijn, waar die vandaan kwam, tja… dat wisten ze niet.

“Prettige dag verder. Als u nog last hebt, komt u gerust nog eens langs.”

Mijn psychopaat had meteen zijn antwoord klaar. Maar dat hield ik wijselijk stil. Ik had genoeg dokters gezien voor een dag…

19 april 2014

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s